Zijn mensen nog verwonderd over dingen? Met de alomtegenwoordige aanwezigheid van sociale media en het internet aan ieders vingertoppen krijgen mensen een lawine aan informatie te verwerken.

De meest indrukwekkende sportwagens, de mooiste vergezichten, de meest extreme skills die worden geëtaleerd… Zorgt dit ervoor dat mensen minder snel verwonderd zijn als ze deze dingen in het “echte” leven tegenkomen? Want… ze hebben het toch allemaal al eens beter, groter, spectaculairder, extremer of al tien keer gezien?

Of is het toch nog iets anders om de sportwagen in het echte leven te zien voorbij scheuren met het bijhorende motorgeluid en de geur van benzine als extra’s? Heeft het toch nog een meerwaarde om zelf fysiek op de bergtop te staan met het mooie uitzicht in plaats van het op een plat beeld te aanschouwen? Met de uitdaging om er te geraken als extra?

Natuurlijk zullen er ook wel dingen zijn die deze extra’s niet bieden in het echte leven. Zo zal men misschien minder verwonderd zijn over een vriend die honderd keer kan pompen, omdat men ooit op TikTok iemand gezien heeft die het vijfhonderd keer kan.

Echter, als die extra’s nodig zijn om nog iets te voelen, wat zegt dat dan over hoe verzadigd we al zijn? Zouden we even verwonderd zijn van een sportwagen die gewoon stilstaat?

Ik kwam er intussen achter dat er ook een boek over geschreven is door Caroline Pauwels: Ode aan de verwondering. Eentje voor op de to-read lijst.